Legendes over Mulaa - kumpulan-akoon-pat.nl

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Legendes over Mulaa

Akoon vroeger > 5 1605; Komst Nederlanders

Komst van de Nederlanders
De Portugezen probeerden hun zeeroute geheim te houden naar de Molukken, maar de Nederlanders kwamen er achter.
De eerste Nederlandse expeditie naar de archipel ontsnapte aan een Portugese poging deze te onderscheppen.
Binnen enkele jaren gelukte het de Nederlanders om ongestraft de archipel binnen te varen.
In 1601 waren er al 15 vloten, samen 65 schepen, naar “Indië” gevaren.
Deze gang van zaken leidde tot concurrentie, waardoor de inkoopsprijzen in Holland daalden.
In 1602 werden dan ook diverse in de archipel actieve compagnieën versmolten tot een: de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).
De Nederlanders wisten ruim 150 jaar lang, van ca. 1630-1780, het rijk voor zich alleen te houden.
Vooral op de Molukken traden de Nederlanders willekeurig op.
Zij vermoorden inboorlingen en vernielden inheemse aanplantingen, die het Nederlandse monopolie en prijsniveau bedreigden.
De vernielingen van aanplantingen gebeurden tijdens de hongi-tochten.


Inleiding op de twee legendes van Mulaa en het ontstaan van de zeven dorpen op Nusalaut

Over de strijd en overwinning op Mata Ampat en de verdwijning van het dorp Mulaa.

Samenvatting legende 1 over Mulaa
Drie mannen en een vrouw kwamen vanuit het westen aan op het eiland Nusalaut  bij Mulaa. (Mulaa lag tussen Akoon en Abubu)
Het waren twee broers en hun zuster samen met een kapitan (legeraanvoerder). Ze vestigden zich in de bergen van Lesiela.
Daarna kwamen er meer mensen vanuit Seram, Saparua en Ambon naar Mulaa, die zich aansloten bij de eerste vier.
Omdat er steeds meer inwoners kwamen werd Leimese benoemd tot hoofd van de negeri met de naam Latu Leimese.

De volgende groep mensen die naar Nusalaut kwam, waren afkomstig uit Halong en hoorden tot de soa’s Latumanu en Tunianarota.
Zij vestigden zich in de bergen van Ama-una. Kapitan Latumana  ging vissen aan het strand van Amahutai.
Hij vond daar een jongetje die hij meenam naar zijn dorp en later tot koning werd benoemd met de naam Latu Mutihu.
Ze verlieten Amahutai en vestigden zich in de bergen van Hena-una en hun dorp kreeg de naam Lesi-Nusa.

Samenvatting legende 2 over Mulaa
Vier mensen kwamen uit Hoa Moal op West Seram naar Mulaa. Het waren twee broers en een zuster met de namen Lunese, Waatal en Silawane.
De vierde persoon was radja Mata Ampat of Matahaha.
Waatal vestigde zich in de bergen waar al negeri’s waren.
Lunese trouwde een vrouw uit Iha (islamitisch dorp op Saparua) en vestigde zich daar.
Kapitan Loloho Warlau, vorst van Lesi-Nusa, trouwde een vrouw met de naam Aisapa uit Tahaha en vestigde zich daar.
(Tahaha is een dorp op het eiland Saparua, liggend op het schiereiland Hatawanu in de Tuhaha baai.Tegenover Tuhaha ligt het dorp Pia.)
Waatal maakte veel doden onder zijn heerschappij op Nusalaut.

Loloho Warlau keerde terug toen hij dit hoorde en voer met zijn arumbaai naar Tandjung Uruputil. Vandaar zwom hij naar Tandjung Tolo bij Nalahia.
Hij doodde Radja Mata Ampat en verwoestte het hele dorp Mulaa.
Op dat moment was radja Lunese te Iha op een feest.
Hij zag de rook van de branden die Mulaa verwoestten en ging met zijn cora-cora terug om te ontdekken dat Mulaa was verdwenen.

Feiten uit de geschiedenis:
Arnold de Vlamingh van Outshoorn (1608-1661) maakt met grof geweld een einde aan de oorlog in Maluku.
Het schiereiland Hoamoal (West-Seram) wordt verwoest en de bevolking wordt gedeporteerd naar Ambon.
Ook Ternate wordt bestraft. Alleen op Ambon en Lease worden nog kruidnagels geteeld, ‘de vervloekte boom’ (pohon kutok) is elders uitgeroeid.

Commentaar webredactie: Zeer waarschijnlijk is de legende van Mulaa verbonden met de komst van islamitische clans, gevlucht of gedeporteerd,
die na een lange strijd toch weer werden verdreven van Nusalaut, dat kennelijk al in de Portugese tijd gekerstend was.
Zie de twee legendes en de kapata over de val van Mulaa en de dood van Kapitan Mata Ampat,
die destijds de enige islamitische vorst op Nusalaut was en woonde in het dorp Mulaa, vlak boven Akoon.
Tandjung Mulaa (de kaap van Mulaa) herinnert nog steeds aan die plek.

Namen en overeenkomsten in beide legendes

 

Legende 1  Mulaa
(verteld door regent Tanasale van Leinitu)
4 mensen kwamen uit het westen, Nusalaut was nog onbewoond

Legende 2 Mulaa

4 mensen kwamen uit West-Seram, Hoa Moal

1

Leimese

Lunese, trouwde vrouw uit Iha (Saparua) en ging daarheen.
Kapitan Loloho Warlau, vorst van Lesi Nusa, trouwde met vrouw met de naam Aisapa en vestigde zich in Tuhaha, Saparua

2

Huwaatol Latunama

Waatal, vestigde zich in de bergen van Nusalaut, waar al negeri’ s waren

3

Silawane (zuster van broers 1 en 2)

Silawane

4

Kapitan Matahaha (Mata Ampat)

Radja Mata Ampat (Matahaha)

Overzicht van vorsten en dorpen

1

Huidige naam

Vorst ten tijde van Rumpius

Oorspronkelijke dorpsnaam

Eerste vorst vanuit legendes

Aantallen ten tijde van Rumpius

mannen

zielen

dati’s

Ina Haha (Ibu jang di atas)

1

Titawai

Radja Matihu en Patih Laurens Latulori

Lesi-Nusa

Latu Mutihu

361  

1557

114

2

Abubu   

Patih Andries Lile

 Kakerisa

 

174

679

120

3

Sila  

Patih Fransisco Tamarali Eina

Hatalepu Pewai

 

50

192

24

4

Leinitu

Patih Cornelus Luei

Henesiwa

 

96

385

 70

Ina Lohu (Ibu jang dibawa)

5

Nahalia

Patih Nicolaas Ulesapu

Risapori Henalatu

 

154

636

70

6

Amet

Radja Hermanus Seleman

Samasuru

 

305

971

180

7

Akoon

Orang kaja Laurens Patiseri  

   

18

251

20

*Door strijd verdwenen dorp, waarvan de grond werd verdeeld tussen de radja’s van Titawai en Amet

8*

   

Mulaa  

Latu Leimese en
Kapitan Matahaha

     
 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu